Ik hoor het vaak op straat en in onze praktijk: "Mijn partner? Die heeft echt geen empathie! Die gaat zijn (of haar) eigen gang en voelt haast nooit aan waar ik zit." Meestal zit er achter die uitspraak een aanname. Of degene die de uitspraak doet, is wat minder vaardig in zich assertief opstellen. En dat zijn maar twee van vele verklaringen. De vraag voor  nu is: wat is empathie eigenlijk?

Empathie betekent dat je je kan verplaatsen in de gevoelens van een ander. Maar het gaat verder dan dat. Het is ook het correct interpreteren van non-verbale communicatie. Ben je in staat om een non-verbaal signaal juist te interpreteren en er op een sensitieve manier (d.w.z. niet ongevraagd gaan oplossen of gaan negeren/vermijden) op te reageren? Als je het niet precies weet, stel je dan vragen om er achter te komen? Handel je zorgvuldig naar anderen? Reageer je tijdig en adequaat op een (non-verbale) hulpvraag (omdat je misschien ook weet hoe het voelt om geen hulp te krijgen)? Als dat zo is, dan handel je empathisch.

Er zijn naar mijn beleving overigens twee soorten empathie: een cognitieve en een emotionele vorm. Bij cognitieve empathie gaat het om voorstellingsvermogen. Je probeert een beeld te krijgen van waarom een ander iets doet. Je gebruikt je objectieve waarnemingsvermogen om je de beweegredenen van een ander voor te stellen. Voorbeeld: een man voelt zich onzeker worden door het gedrag (of woorden) van zijn partner. Zijn partner is niet in de buurt dus hij kan het niet vragen. De neiging zal zijn om in het gevoel te gaan zitten. Hij voelt misschien dat hij iets moet oplossen of dat hij meer zijn best moet doen voor zijn partner. Of hij wordt boos en vat de reactie van zijn partner persoonlijk op. Cognitieve empathie betekent in dit geval dat de man in kwestie even aan de handrem moet trekken en stil mag staan bij de vraag: “wat is er feitelijk aan de hand?” “Wat zou de reden kunnen zijn van het gedrag (of de woorden) van zijn partner?” Niet: “hoe zou dit voor haar voelen?”, want dat is de emotionele vorm van empathie (zie deel 2). De vragen richten zich veel meer op het verkrijgen van een objectief beeld. “Iemand die zulke woorden (of die toon) gebruikt, is .... bang, gefrustreerd etc. Wat is er die dag allemaal gebeurd met mijn partner? Heeft ze misschien een slechte evaluatie van haar baas gekregen? Hebben haar ouders niet gereageerd op haar uitnodiging? Misschien heeft ze vanochtend eindeloos in de file gestaan?” Op die manier wordt het gevoel van de man geobjectiveerd met behulp van meerdere scenario's. Het gaat niet om hem en hij hoeft zich dan ook niet aangevallen te voelen! Het gaat om iets dat hij niet meteen hoeft op te lossen.

Cognitieve empathie krijgt tegenwoordig wat minder aandacht dan emotionele empathie. Het wordt in sommige gevallen zelfs als negatief beoordeeld, omdat het te rationeel zou zijn! Ik zou zeggen dat de cognitieve variant juist heel goed te gebruiken is voor mensen die te sterk met de omgeving verbonden zijn, zich meer (teveel) met de ander bezig houden dan met zichzelf en die geconfronteerd worden met een emotionele hulpvraag. Waarom? Omdat voorstellingsvermogen betekent dat je je ontkoppelt van de emotie en het perspectief van een ander op een objectieve manier probeert te begrijpen. Je probeert de inhoudelijke drijfveren van de ander te begrijpen. De "emotionele" mens heeft wel eens de neiging zich op het gevoelsniveau van de ander te richten en heeft het nodig een stapje terug te nemen om te begrijpen wat er gebeurt. Cognitieve empathie kun je dus gebruiken om emotionele situaties te ontwarren door actief te luisteren, door rustig te blijven kijken en te proberen de stress van ander te begrijpen.

Over emotionele empathie de volgende keer meer.